Gom van Strien meldde fraudeverdenking bewust niet aan Wilders

© ANP
Utrecht - PVV-senator Gom van Strien, die na de verkiezingen werd aangewezen als verkenner, heeft bewust de fraudebeschuldigingen die Utrecht Holdings die tegen hem zijn geuit niet gedeeld met PVV-fractieleider Geert Wilders. Hij zou dat in overleg hebben gedaan met PVV-senaatsvoorzitter Marjolein Faber, zegt hij in een interview met De Telegraaf.
NRC schreef afgelopen weekend dat Utrecht Holdings, een dochterbedrijf van de Universiteit Utrecht, in maart dit jaar aangifte heeft gedaan tegen de senator. De aangifte tegen Van Strien werd gedaan op verdenking van oplichting en omkoping in verband met aandelentransacties. De PVV'er besloot daarop zijn functie als verkenner neer te leggen.
Op de vraag van De Telegraaf waarom hij vorige week niets tegen Wilders heeft gezegd over de kwestie toen hij werd gevraagd als verkenner, zegt hij: "Ik beken, dat is een stommiteit. In januari heb ik dit besproken met mijn fractievoorzitter in de senaat, mevrouw Faber. Zij vroeg: wat ga je doen? Ik heb haar op de hoogte gehouden. Zij heeft dat ook niet gecommuniceerd met Geert. In mijn naïviteit heb ik het niet gemeld aan Geert, maar dat had ik wel moeten doen."
Toen hij hoorde van de aangifte die door zijn voormalige werkgever, de Universiteit Utrecht, was gedaan in maart zegt hij opnieuw met Faber te hebben gesproken. "We hebben toen besproken of we dit aan Geert moesten melden. Onze conclusie was: daar gaan we Geert niet mee lastigvallen. Eerst maar eens afwachten wat er met de aangifte gebeurt. Vervolgens gebeurde er niks en is er nooit meer over gesproken."
De Telegraaf heeft Faber geconfronteerd met de uitlatingen van Van Strien, maar ze zou niets willen zeggen over de kwestie. Van Strien blijft er overigens bij dat hij onschuldig is en zegt dat sprake is van een "politieke afrekening".